HOCdocs‎ > ‎Biographies‎ > ‎

Harting, Pieter

Geplaatst 19 feb. 2011 06:52 door Historie van de Oceanografie Club   [ 19 feb. 2011 06:54 bijgewerkt ]

Rotterdam 27.02.1812 – Amersfoort 03.12.1885

Carrière:

Harting volgde een studie medicijnen 1828-1835, maar volgde daarbij ook lessen op een breed terrein van de natuurwetenschappen. Zijn promotie was in de medi­cijnen in 1835, in de verloskunde in 1837. Tijdens zijn werk als arts te Oudewater (1835–1841) deed hij ook microscopisch en chemisch onderzoek. Hij werd hoogle­raar kruid-, schei- en artsenijmengkunde aan het Atheneum te Franeker in 1841. Na opheffing hiervan werd hij in 1843 buitengewoon hoogleraar Utrecht. In 1846 gewoon hoogleraar farmacologie, plantenfysiologie, vergelijkende anatomie en zoölogie, later (1846) hoogleraar wiskunde en proefondervindelijke wijsbegeerte en vanaf 1855 ook dierkunde. Daaruit blijkt dat hij zijn activiteiten niet tot één vakge­bied beperkte. Ook deed hij geologisch en hydrologisch onderzoek. Hij was lid van de KNAW en eredoctor aan de Universiteit Leiden. Hij ging in 1875 met emeritaat.

Biografie:

Hartings vader was tabaksmakelaar, die overleed toen Harting 7 jaar oud was. Harting trouwde in 1837 met Catharina Susanna Goetzee. Hij bevorderde het microscopisch onderzoek. En behalve zijn biologisch werk deed hij ook belangrijk geologisch werk. Hij was een van de hoogleraren die de modernisering van het universitair onderwijs bepleitten. Daarnaast was hij ook politiek en maatschappelijk actief en steunde de strijd van de Boeren in Zuid Afrika tegen de Engelsen. Als oprichter van het blad “Album der Natuur” droeg hij bij aan het populariseren van de wetenschap. Hij was een aanhanger van Darwins evolutietheorie.

Belangrijkste oceanografische activiteiten:

Harting was afkerig van vergaande specialisatie in de wetenschappen, maar hij droeg vanuit zijn brede belangstelling op verschillende terreinen en bij diverse gelegenheden bij aan de ontwikkeling van het zeeonderzoek. Hij wist samen met Selenka bij de Nederlandse regering te bevorderen dat er een Nederlandse werktafel kwam in het zoölogisch station te Napels. Hij was lid van de KNAW commissie voor het onderzoek van het paalwormprobleem (1858) en  onderzocht een in 1858 in de Banda Zee van grote diepte opgehaalde diepwaterpoliep. In 1874, dus voor het tot stand komen van het mobiele Nederlands Zoölogisch Station, werkte hij met studenten in een tijdelijke loods te Scheveningen. Ook ontwierp hij instrumenten (een “waterhaler” en een “dieptemeter”) voor oceanografische waarnemingen.

Bibliografie:

Hubrecht, 1888.

Referenties:

Hubrecht, A.A.W. (1888). P. Harting herdacht. Jaarboek KNAW.

Theunissen, L.T.G. (1999). Pieter Harting: wetenschap voor de natie. In: L.J. Dorsman. Beroep op de wetenschap.

Theunissen, L.T.G. (2000). Een warm hart en een koel hoofd; Hartings wetenschap voor de natie. In: Nut en nog eens nut. Wetenschapsbeelden van Nederlandse natuuronderzoekers, 1800-1900.

Autografie:

Comments