HOCdocs‎ > ‎Biographies‎ > ‎

van der Stok, Johannes Paulus

Geplaatst 19 feb. 2011 06:56 door Historie van de Oceanografie Club   [ 29 aug. 2011 00:43 bijgewerkt ]

Zuilen 14.01.1851 – Utrecht 29.03.1934

Carrière:

Fysicus. Studie Utrecht. Promotie 1874 op “Over energie bij elektriciteit.”. Leraar den Haag 1874-1876. Medewerker Magnetisch en Meteorologisch Observatorium te Batavia 1877, directeur 1882 – 1899. Hierna directeur KNMI afd. “Waarnemingen ter Zee” 1899 – 1923. Lid KNAW 1903.

Biografie:

Van der Stok was de derde zoon van Pieter Nicolaas van der Stok, predikant te Zuilen, en Ariette Clara Stricker. Hij studeerde in Utrecht bij Buys Ballot en werd na een stage bij het KNMI in 1877 uitgezonden naar Batavia als versterking van de wetenschappelijke staf van het Observatorium van Batavia onder P.A. Bergsma. Inmiddels was hij in dat jaar gehuwd met Jannetje de Vos. Zij kregen vier zoons en twee dochters. In 1882 volgde hij Bergsma op als directeur van het observatorium. Na een verblijf in Nederland wegens ziekte (1882-1885) nam hij de leiding weer op tot 1899. In die periode verbreedde hij het werkterrein van het observatorium. Zijn belangrijkste werkzaamheden betroffen de meteorologie en de getijden.

Teruggekeerd in Nederland kwam hij op het KNMI als directeur van de afdeling zeevaart in een periode waarin belangrijke reorganisatie van het instituut plaatsvond. Hij gaf leiding aan het wetenschappelijk en praktisch werk van de afdeling. In 1922 was hij redacteur en mede-auteur van “De Zeeën van Nederlandsch Oost Indië”.

Belangrijkste oceanografische activiteiten:

Van der Stok ontwikkelde een methode voor harmonische getijanalyse die was aangepast aan de beperkte mogelijkheden die er bestonden in de Indische archipel voor het doen van regelmatige getijwaarnemingen. Hierdoor werd het mogelijk de complexe getijbeweging in dat gebied te beschrijven. Dezelfde methode paste hij toe op de waarnemingen van getijden in de Noordzee. Hij had een aandeel in de voorbereidingen van de Siboga-expeditie, en terug in Nederland gaf hij nieuwe impuls aan het zeeonderzoek van het KNMI. Onder zijn leiding verschenen verschillende oceanografische en maritiem meteorologische atlassen (Golf van Guinea, Indische Oceaan, Atlantische Oceaan).

Bibliografie (selectie):

  • Bijdrage tot de kennis van den invloed der zon op de dagelijksche beweging der magneetnaald. 1882  KNMI publ. 58b
  • Etudes des phénomènes de marée sur les côtes néerlandaises. KNMI publ. 90
    • 1. Analyse des mouvements périodiques et apériodiques du niveau de la mer (1904)
    • 2. Résultats d’observations faites à bord des bateaux phares néerlandais (1905)
    • 3 Tables des currants (1905)
    • 4 Les marées principales (1910)
  • Ueber Oberflächentemperaturen des Meereswassers unweit der Niederländischen Kuste. (1906) KNMI Meded. en verh. 4.
  • Elementaire theorie der getijden. Getijconstanten in den Indischen Archipel (1910) KNMI Meded. en verh. 8.
  • Das Klima des südöstlichen Teiles der Nordsee, unweit der Niederländischen Kuste. (1912) KNMI Meded. en verh. 13
  • De dagelijkse variatie van den wind en barometerstand in verband met den gradiënt der luchtdrukking. (1911) Versl. wis- en  natuurk. .afd. KNAW XIX : 1381-1395
  • Über den Einfluss des Windes auf die Bewegung einer Flüssigkeit von undendlicher Ausdehnung und endlicher Tiefe . (1911) Beitr. Zur Geophysik XI : 106-111.
  • Het klimaat in Nederlandsch Oost-Indië. In:  Oost-Indische Cultures H.C. Prinsen Geerlings ed. : 1-31.
  • Bijdrage tot de kennis van het klimaat van Nederland. No. 6 De temperatuur van lucht en zee. (1918). Tdsch. Kon. Ned. Aardr. Gen. XXXV: 348-367
  • Over het dagelijks verval van den waterstand op de Nederlandsche kusten. (1918) Versl. KNAW XXVII, 4: 465-471

Referenties:

  • Levensberichten & herdenkingen KNAW

Autogram:


Comments